10.

In het vliegtuig bedacht Chrystel zich dat het vanaf 10 kilomter hoogte een idee zou zijn om Patrick te bellen. De ‘organisatie’ zou dat telefoontje niet kunnen traceren was haar gedachte, vooral niet omdat ze even een andere lege stoel opzocht, waar ze met het in-flight telefoon systeem zou kunnen bellen. ‘Het zou wat centen kosten, maar het zou de moeite waard zijn’, dacht ze toen ze het mobiele nummer van Patrick intikte.

Patrick was heel blij haar stem eindelijk te horen. ‘Gaat alles goed met je, ik maak me vreselijke zorgen, ik heb het gevoel dat onze lijnen nagetrokken worden en…..’ Hij raasde maar door, ik was ook blij zijn stem te horen en zei: ‘Ik zit op 10 kilometer hoogte en ben onderweg naar London, waar mijn Europese deel van het project gaat beginnen.’ Cheryl vertelde alles over hetgeen haar de afgelopen weken was overkomen, vooral over alle details rondom de voice recorder en de overeenkomsten in antwoorden op vragen van mensen die elkaar helemaal niet kenden.

Patrick zei dat hij heel wat uitzoekwerk had verricht, maar ook geen sluitende conclusies kon trekken. ‘We zitten op iets groots, ik heb het gevoel dat het boven onze macht uitgaat, we moeten voorzichtig zijn, wanneer kan ik je zien?’ Cheryl zei dat ze langs via New York naar London wilde vliegen, maar dat dat vanwege het strakke schema in Europa volgens Glenn niet zou kunnen. Patrick dacht na en vroeg: ‘Hoe lang blijf je in London?’. ‘Geen idee, maar het is niet slim om elkaar daar te ontmoeten, ik heb daar een begleider en ik heb geen idee of hij ook met mij mee gaat naar andere lokaties in Europa’. ‘Ik moet je zien, we hebben zoveel te bespreken, er is heel veel wat jij nog niet weet en waar je denk ik wel veel aan zult hebben. Maar we moeten voorzichtig zijn, elk telefonisch contact is een risico, weet je wel zeker dat deze lijn niet wordt afgeluisterd?’

Cheryl wist dat natuurlijk niet zeker, maar begreep wel dat ze er alles aan moest doen om Patrick te ontmoeten. Ze moest wat verzinnen. Maar ook Patrick zou wat moeten verzinnen en hij bedacht dat hij voor zijn artikelen rondom de verkiezingen verschillende ambassades in Europa wilde bezoeken om meningen over de verkiezingen aldaar te pijlen. De redactie van de Chronicle vond dat een goed idee.

‘Ik probeer je vanuit London te bellen, ik verzin iets om mijn vader te kunnen bezoeken en dan kunnen we elkaar misschien ontmoeten in Nederland.’ Patrick stemde in en het gesprek werd afgesloten. Cheryl liep weer naar haar eigen plaats en zakte lekker onderuit en sliep totdat de wielen de grond raakte op de luhcthaven van Heathrow in London.

John Smith stond mij al op te wachten. Ik moest lachen om zijn bordje met daarop mijn naam in half Engels ‘Cheryl TheYoung’ in plaats van ‘Cheryl de Jong’. Zijn uitstraling was jong en vriendelijk, anders dan Glenn. Hij nam galant de bagage van me over en we liepen naar zijn auto. Eindelijk hoorde is weer eens iemand netjes Engels praten in plaats van dat Amerikaanse geknau. In de auto vroeg John hoe mijn reis was verlopen. Maar niet alleen dat soort oppervlakkige vragen, hij was ook geïnteresseerd in mijn leven, vroeg wat ik zoal gedaan had bij NRC en vroeg mij naar mijn belevingen binnen deze grote klus. Het was een verademing even het gevoel te hebben niet op je hoede te hoeven zijn, maar Cheryl bedacht zich snel en corrigeerde haar gedrag, en was vanaf dat ene onbewaakte vriendelijke moment weer volledig op haar hoede.

Het was tegen het middaguur toen ik in mijn hotel aankwam, ik zou het nog de hele dag vol moeten houden om weer in het normale ritme te komen. John zei dat hij die middag andere afspraken had en dat hij me de volgende ochtend na het ontbijt zou ophalen om eerst wat van de stad te zien. Ik was natuurlijk wel vaker in London geweest maar zei spontaan: ‘O wat leuk, dus we gaan niet meteen aan de slag?’ Hij glimlachte vriendelijk: ‘Werken kan altijd nog, eerst even bijkomen van je lange reis. Ik zie je morgenochtend om 10 uur’. En weg was John. Ik had een prachtige kamer met uitzich op de Tower Bridge.

Ik belde mijn vader en hij was heel blij mij aan de lijn te hebben. ‘Ik ben in de ‘buurt’, zei ik, niet wetende dat hij meteen zou vragen hoe laat ik bij hem zou kunnen zijn. In de buurt is tegenwoordig een relatief begrip. ‘Nee pap, ik zit nu in London, weet niet hoe lang ik hier blijf, maar zodra ik kan, kom ik naar Nederland.’ Hij was niet teleurgesteld en vertelde hoe hij zijn leven weer had opgepakt en gek genoeg ook een beetje begon te genieten van zijn nieuwe vrijheid.

Ze begon haar kamer te inspecteren, keek achter spiegels en schilderijtjes om eventuele verborgen microfoons te ontdekken. Het zag er allemaal redelijk normaal uit en om niet verdacht over te komen, besloot ze deze kamer een paar dagen en te houden en dan van kamer te wisselen, al zou het maar zijn om Glenn in verwarring te brengen. Ze glimlachte.
Ze zou om de tijd door te komen nog wel even de stad ingaan. Het liep inmiddels tegen vijven en een drankje zou haar goed doen. Tijdens de vlucht had ze geen alcohol genomen om de verschijnselen van jetlag zoveel mogelijk te elimineren. Het weer was redelijk in London, vanaf het hotel zou ze de metro nemen naar Piccadilly, waar ze even zou gaan genieten van het altijd bruisende centrum van de stad.

Erg verfijnd vond ze de Engelse keuken niet en ook een goed glas wijn was in een gemiddelde kroeg eerder uitzondering dan regel. Maar het kon haar allemaal weinig schelen, ze was even lekker vrij, voelde zich ondanks de lange reis nog redelijk fit en had zin in een paar weken Europa.
Na een eenvoudige maaltijd besloot Cheryl terug te keren naar het hotel, misschien zou ze daar nog even naar de bar gaan, om een laatste drankje te nemen. Ze hield van London en dacht even aan de ouders van Sandy, die hier jaren lang hebben geleefd, voordat ze naar San Francisco emigreerden. Het was niet druk aan de bar, maar toch net gezellig genoeg om nog even wat te drinken. Zoals gebruikelijk in een internationaal hotel veel zakenlieden, weinig stelletjes, vooral mannen en een enkele vrouw in een robotisch zakelijk mantalpakje. Cheryl was altijd stijlvol gekleed, maar zocht toch net even wat meer uitdaging in haar kleding. De afgezaagde zakelijke mantelpakjes waren voor haar toch te weinig uitdagend. Toen ze daaraan dacht, kwam ze voor de zoveelste keer tot de conclusie dat al die uiterlijke uitdagingen haar weinig hadden gebracht op het gebied van mannen.
Ze was te druk met haar loopbaan bezig, alhoewel ze ook vaak dacht hoe lekker het zou zijn om een heerlijke man tussen de lakens te vinden. Maar ze moest er niet aan denken dat ze getrouwd zou zijn en in een keurslijf van een ‘net stel’ zou moeten leven. Ze glimlachte een beetje bij die gedachten en ging in plaats van aan de bar aan een tafeltje zitten en bestelde een glas Chardonnay. Niet veel later sloeg de vermoeidheid van de lange reis toe.

De volgende ochtend was ik al vroeg wakker, het tijdverschil van 8 uur met London was vervelend en vermoeiend. Maar gelukkig vandaag nog geen interviews. John zou me de stad laten zien. Eigenlijk vind ik het wel leuk, ik kende London redelijk, maar wie weet, waar ik terecht zou komen. John zat al in de receptie te wachten toen ik met mijn ontbijt klaar was. Hij zat met zijn laptop op schoot en leek zeer geconcenteerd te werken. Hij keek op, lachte vriendelijk en vroeg: ‘Klaar voor London?’ Hij deed zijn laptop in zijn rugzak, was casual gekeeld en zag eruit alsof we de hele dag te voet London zouden gaan bekijken. Ik zei dat ik nog even naar mijn kamer moest: ‘Geef me nog 5 minuten, ik zie je zo.’

Ik snelde naar boven om me snel om te kleden en in ieder geval makkelijke schoenen aan te trekken. John stond beneden al bij de deur, leek een tikje ongeduldig, toen ik iets meer dan 5 minuten nodig bleek te hebben. ‘Sorry’, was het enige wat ik zei en hij knikte instemmend bij dat minimale excuus.

De eerste minuten leken wat stroef te verlopen, we zeiden weinig. ‘Niet gek’, dacht ik eigenlijk. Hier in deze massale stad rondlopen met een totaal onbekende man, hoe pak je dat aan om er wat leuks van te maken? ‘Laten we een kop koffie gaan drinken’, zei hij, in de hoop dat dat de stilte zou doorbreken. ‘Ja, lekker’, zei ik een beetje te gemaakt. Maar het werkte. In een leuk tentje vonden we een plaatsje bij het raam. Ik nam het initiatief, ik wilde wel wat meer van hem weten. ‘Ken je Glenn goed?’ was mijn eerste vraag. ‘Een beetje, heb hem één keer ontmoet tijdens een congres over digitale netwerken.’ ‘Is dat iets met computers en zo?’, vroeg ik geïntersseerd om te kijken of dat een onderwerp was waarin hij zich thuis zou voelen. Ik had beet. Hij begon volop over de hedendaagse technologie te praten en de wijze waarop mensen over een paar jaar met elkaar zouden gaan communiceren. Ik luisterde aandachtig, had soms geen idee waar hij het over had. Hij klapte zijn laptop open en zei: ‘Kijk, ik wil je wat laten zien.’ Ik keek aandachtig naar hetgeen op het schermpje zou gaan gebeuren. Ik zag een lijst met namen en ik zag veel stukken tekst over het scherm bewegen. Hij zei: ‘Deze mensen praten met elkaar via het toetsenbord en doen dat wereldwijd over alle mogelijke onderwerpen. Het zijn allemaal individuele meningen, die zijn in kaart te brengen en zo kan je veel meer te weten komen van de mensheid in zijn geheel, maar ook van elk afzonderlijk mens.’ Ik reageerde gelaten en zei: ‘Is dat dan zo leuk om te doen? Ik gebruik mijn telefoon af en toe voor het versturen van een sms en natuurlijk e-mail ik voor mijn werk stukken tekst naar de redactie, maar verder vind ik het veel leuker om mensen in het echt te zien.’

John had de opdracht Chrystel meer te beïnvloeden in het gebruik van computers. Op subtiele wijze zou ook zij die onderlinge beïnvloeding moeten gaan zien als de normaalste zaak van de wereld. Kranten hadden die rol inmiddels al verloren. Het web zou de taak als brenger van het nieuws overnemen. Kranten dachten een belangrijke rol te vervullen in het brengen en beïnvloeden van de publieke opinie. Regeringen en bestuuders van grote bedrijven ergerden zich al in behoorlijke mate aan de vrijheid die de pers zich dacht te kunnen aanmeten. Het kat en muis spel rondom vertrouwelijkheid versus openbaarheid van bestuur onttrok zich volledig aan het dagelijks oog van de burger. In het begin van de 21e eeuw ontwikkelde internet zich echter op een manier die de zorgen op dit gebied vergrootte. Pas in 2010 zou de mensheid gaan ontdekken dat het begin van de vierde wereldoorlog zijn beslag kreeg.

Ondertussen deed John zijn werk. ‘Ik zal van de week wat software op je laptop installeren, dan kan je zelf ervaren hoe leuk het is’, zei hij luchtig om het onderwerp een beetje in de amusementssfeer te brengen. Ik glimlachte een beetje, waarmee ik liet blijken er eigenlijk geen interesse voor te hebben. Hij klapte zijn laptop dicht, rekende af en zei: ‘Kom, laten we buiten weer gaan genieten van echte mensen’.

This entry was posted in hoofdstuk. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>